Tilburg

Veilig jongerenwerk!


Gemeente Tilburg, Politie en de Twern sluiten overeenkomst voor veilig jongerenwerk

 

Op woensdag 29 september hebben wethouder Marieke Moorman, districtschef Peter Verschuur en Twerndirecteur Jos van Balveren het nieuwe protocol Veilig Jongerenwerk ondertekend.

 

Tilburg is de eerste gemeente waar politie, jongerenwerk en gemeente in een protocol hebben vastgelegd hoe jongerenwerkers optreden tegen jongeren die over de schreef gaan. En hoe zij hierin samenwerken met de politie. In 2007 werd het eerste protocol Veilig Jongerenwerk in gebruik genomen. Nu, drie jaar later, waarin het protocol goed is geëvalueerd, is het tijd voor een nieuwe overeenkomst.

 

Het protocol geeft houvast voor werkers en jongeren die zich op de grens van het toelaatbare begeven. Regels, openlijke samenwerking en jongeren als persoon benaderen, lijken de kernwaarden uit het protocol. Wijkagent Erwin en jongerenwerker Millie kunnen daar voorbeelden van geven uit de praktijk. Erwin: “Je moet jongeren nooit uitsluitend als groep bekijken. Ze zijn niet zo eng als ze eruit zien. Spreek je ze aan op een normale toon dan blijken het gewone jongens te zijn die zich ook maar vervelen.” Jongerenwerker Millie vult dat aan: “Ga gewoon rustig naar jongeren toe. Ga niet meteen snauwen, dan krijg je een snauw terug.”

 

Van de kant van de jongeren werkt de nieuwe aanpak ook. De strengere regels hebben in ieder geval niet geleid tot minder deelname. “Jongeren zijn juist blij dat duidelijk is hoe ze zich moeten gedragen.“ Dat zegt Ted, jongerenwerker in Binnenstad. Hij was eerst bang dat hij het vertrouwen van jongeren zou verliezen als ze hem samen zagen met de politie. “Tegenwoordig laat ik juist zien dat we samenwerken voor hun veiligheid en hun welzijn. Je moet dan wel heel open zijn en niet sneaky achter hun rug met de politie praten.”

 

Het protocol Veilig Jongerenwerk biedt veel houvast voor de aanpak van ontoelaatbaar gedrag maar het blijft mensenwerk. Dat beamen jongerenwerkers en agenten: “We moeten het met z’n allen zo willen doen.”